Oude Griek

 
 

Een paar lappen stof

De oude Grieken kleedden zich helemaal anders dan wij nu! Ze droegen een gewone rechthoekige lap stof: een chiton. Klerenmakers of modeontwerpers kwamen er niet aan te pas. Dat wil niet zeggen dat de Grieken zich niets aantrokken van hun uiterlijk. De kunst zat hem in het plooiwerk. De chiton kreeg model door hem – elke ochtend opnieuw – rond het lichaam te plooien! Dit kon op oneindig veel manieren. Ook de kleur kon men kiezen. Mogelijkheden genoeg om origineel te zijn! Met knopen of speciale doekspelden op de schouders en een riem rond het middel werd alles bij elkaar gehouden. De lengte kon verschillen. Jonge mannen hadden een voorkeur voor korte chitons tot op kniehoogte, omdat ze zo wat grotere passen konden nemen. Oudere mannen, priesters en vrouwen droegen altijd lange chitons tot aan hun enkels.

Een chiton © Carl Heinrich Stratz

Sportkleding?

Sportkleding bestond nog niet. Griekse atleten sportten dan ook meestal naakt. De chiton was immers totaal ongeschikt om mee te rennen of te boksen. Op grote sportevenementen, zoals de Olympische Spelen waren vrouwen niet toegelaten. Dus dat was al geen probleem.

KariatidenWapenuitrusting

De Griekse soldaten waren erg goed uitgerust. Ze werden hoplieten genoemd wat letterlijk ‘zwaar bewapend’ betekent. De hoplieten hadden een helm, borstpantser, armbescherming en beenplaten in brons en droegen een schild, een lans en een zwaard met zich mee. Alles bij elkaar woog de wapenuitrusting zo’n dertig kilo. Erg bewegelijk waren de hoplieten dus niet. Maar dat was een uitdaging op zich: op de Olympische Spelen stond er zelfs een ‘hoplietenloop’ op het programma. De atleten moesten dan met volledige wapenuitrusting ongeveer 400 meter lopen.

Foto boven: Hopliet © Johnny Shumate

terug naar de tijdslijn